Terug naar overzicht

Water, water en nog eens water

Water, water en nog eens water

Arjan Dwarshuis is Nederlands bekendste vogelaar en heeft zijn hele leven al een fascinatie voor vogels. Hij is professioneel vogelgids, geeft lezingen over vogels en vogels kijken en schuift regelmatig aan bij diverse radio- en televisieprogramma’s. Daarnaast is hij ambassadeur voor het IUCN NL landaankoopfonds en schreef hij het boek Een Bevlogen Jaar, over zijn wereldrecord vogels kijken. Hij schrijft iedere maand voor Natuurhuisje.nl over een actueel onderwerp in de natuur.

De afgelopen twee maanden was ik bijna dagelijks in het veld te vinden. De stappenteller op mijn telefoon geeft gemiddeld meer dan 15.000 stappen per dag aan en mijn hoofd is Berlusconi-bruin, als een oude leren portemonnee. Mijn dag-nachtritme is volledig aangepast aan de vogelactiviteit: rond een uur of 5 ’s ochtends gaat de wekker en op sommige dagen lig ik al tegen half negen ’s avonds in mijn nest. Ik heb het voorjaar van kop tot staart meegemaakt, van de allereerste blauwborsten en boerenzwaluwen eind maart tot de bosrietzangers en wespendieven die een paar dagen geleden terugkeerden na hun lange vliegreis uit tropisch Afrika. Door de aanhoudende noordenwinden en de nattigheid kwam het voorjaar haperend op gang. Zo noteerde ik mijn eerste nachtegaal ruim een week later dan normaal en veel broedvogels lopen dagen, zo niet weken achter op schema. Op Marker Wadden ziet mijn vriendin, die daar ecologisch onderzoek doet, dat koloniebroeders als kluten en visdieven twee weken later zijn begonnen met nestelen. En veel van die eerste legsels zullen door de voorjaarsstorm van laatst zijn weggevaagd, hopelijk krijgen ze in juni een herkansing.

Een vergiet

Gelukkig is door al die neerslag het grondwaterpeil weer normaal en is er van ernstige droogte geen sprake meer, aldus weerbureau Weeronline.nl. Maar daarmee zijn de problemen op de hogere zandgronden in het oosten en zuiden van ons land nog niet voorbij, verre van zelfs. Door turfwinning, verstedelijking en ontginningen voor de landbouw is het oppervlak aan hoogveen teruggebracht van 90.000 ha rond 1900 tot een krappe 5.500 ha nu, daarmee zijn de natuurlijke sponzen en waterreservoirs van de zandgronden grotendeels verdwenen. De afgelopen decennia hebben we beken en riviertjes gekanaliseerd en irrigatiesloten aangelegd om het overtollige regenwater zo snel mogelijk af te voeren van de landbouwgronden. Zo hebben we de Brabantse zandgronden en de Achterhoek veranderd in een soort vergiet: van al dat water dat hier dit voorjaar is gevallen, zal het overgrote deel zijn afgevoerd naar zee. En bij gebrek aan natuurlijke vegetatie en organische stoffen in de bodem, zal het gevallen regenwater in de landbouwgebieden met een flinke zomerse hittegolf razendsnel verdampen. Met klimaatverandering, dat als een zwaard van Damocles boven ons hoofd hangt, zal dit probleem een van de grotere uitdagingen van de 21e eeuw worden. We zullen innovatieve methoden moeten ontwikkelen om het overtollige regenwater vast te houden, zodat we reserves hebben voor de zomermaanden, en daarvoor zal de nieuwe regering flink moeten investeren. Anders zullen de zandgronden na verloop van tijd in een woestijn veranderen.

Waterberging

Zoals gewoonlijk biedt de natuur uitkomst, een goed functionerend natuurgebied is namelijk uitstekend in staat om water vast te houden. Het Zuidlaardermeergebied is denk ik het perfecte voorbeeld. Toen het riviertje de Hunze, dat door dit gebied stroomt, halverwege de vorige eeuw werd gekanaliseerd en er brede sloten werden gegraven om het overtollige regenwater van de landbouwgronden af te voeren, raakte het stroomgebied zijn natuurlijke waterbergingsfunctie kwijt en ondervonden Groningen en de omliggende dorpen in toenemende mate wateroverlast. Hevige zomerse regenbuien namen door klimaatverandering toe en in 1998 kwam het water zelfs letterlijk tot aan de vensterbanken van het Groninger Museum. Dat was de druppel. Er moest iets gebeuren, en snel.

In 2005 kwamen een aantal grote natuurbeschermingsorganisaties met het briljante plan om de natuurlijke vloedvlakte van het Hunzendal te herstellen, wat een enorme impuls voor de biodiversiteit zou betekenen en in één klap het wateroverlastprobleem zou oplossen. Het idee was simpel: door grote stukken landbouwgrond in het Zuidlaardermeergebied op te kopen en om te zetten in natuurontwikkelingsgebieden, en de Hunze zijn meanderende karakter terug te geven, zou het stroomgebied zijn bufferende werking terugkrijgen. De Provincie stemde in en het project werd een ongekend succes. Inmiddels zijn de problemen met wateroverlast grotendeels opgelost en is het Zuidlaardermeergebied een van de waardevolste natuurgebieden van Noordwest-Europa.

Wat kan jij doen?

Dit soort waterbergingsprojecten kunnen op nog veel meer plekken in Nederland uitkomst bieden (en worden ook gelukkig op steeds meer plekken uitgevoerd), om wateroverlast tegen te gaan én om als reservoir te dienen tijdens periodes van aanhoudende droogte. Maar zelf kun je ook wat doen: trek zoveel mogelijk tegels uit je tuin, zodat het water niet naar het riool wordt afgevoerd, maar in de bodem kan zakken. En vervang uitheemse, waterslurpende naaldbomen voor inheemse loofbomen. Sla al dat water wat nu valt op in een regenton en accepteer dat je gazon in de zomer geel kleurt, dat hoort er nou eenmaal bij. Door samen te werken met de natuur, in plaats van ons er krampachtig tegen te verzetten, kunnen we de problemen van de toekomst het hoofd bieden.

Ontdek onze nieuwe look

Leuk dat je er bent! Onze website heeft een nieuw jasje gekregen, deze past een stuk beter. Alles werkt verder zoals je het gewend bent. Wat vind je van onze nieuwe look?