Terug naar overzicht

Op safari in eigen land

Op safari in eigen land

Arjan Dwarshuis is Nederlands bekendste vogelaar en heeft zijn hele leven al een fascinatie voor vogels. Hij is professioneel vogelgids, geeft lezingen over vogels en vogels kijken en schuift regelmatig aan bij diverse radio- en televisieprogramma’s. Daarnaast is hij ambassadeur voor het IUCN NL landaankoopfonds en schreef hij het boek Een Bevlogen Jaar, over zijn wereldrecord vogels kijken. Hij schrijft iedere maand voor Natuurhuisje.nl over een actueel onderwerp in de natuur.


De Nederlandse Big 7

Wie droomt er niet van om met de ondergaande zon in een safari jeep over de uitgestrekte Afrikaanse savanne te rijden, met kuddes olifanten, zebra’s en wildebeesten, en leeuwen en luipaarden die overal op de loer liggen? Dit scenario lijkt nu verder weg dan ooit, want we zitten midden in een harde lockdown en verre reizen zijn momenteel not done. Maar niet getreurd, want je kan ook op safari in eigen land, en dan bedoel ik niet de Beekse Bergen. Ook wij hebben een Big 5, sterker nog, een Big 7, die bestaat uit een aantal spectaculaire zoogdiersoorten, en de meeste daarvan kan je, met een beetje doorzettingsvermogen en de bereidwilligheid om vroeg op te staan, ook daadwerkelijk in het wild waarnemen. Ik beloof je: je zult nooit meer zeggen dat de Nederlandse natuur saai is.

Laat ik beginnen met het meest ongrijpbare duo uit deze Big 7: de wolf en de wilde kat. Deze tot de verbeelding sprekende roofdieren zijn aan een gestage opmars bezig in Nederland, maar de kans dat je ze ook daadwerkelijk in het wild zult tegenkomen is uiterst klein. Wilde katten rukten in de laatste decennia op vanuit de Eiffel en vestigden zich recentelijk permanent in het Limburgse heuvelland, de verwachting is dat ze zich de komende jaren verder zullen uitbreiden naar het noorden. Ze verschillen subtiel van de huiskat door hun grijsbruine kleur, zwaardere bouw, langere vacht en dikkere staart met zwart uiteinde en drie tot vijf opvallende donkere ringen. Ze zijn zeldzaam, uiterst schuw en voornamelijk in de schemer en ’s nachts actief, veruit de meeste waarnemingen in Nederland worden dan ook met cameravallen gedaan. Maar als je toch je geluk wilt beproeven, dan kun je het beste in de schemer gaan posten op een rustige plek in Zuid-Limburg, langs een bosrand bij een kruidenrijk weiland.

Een mythisch roofdier

Een wolvenwaarneming is wellicht nog zeldzamer. Dit mythische roofdier vestigde zich net als de wilde kat pas recentelijk weer in ons land, nadat er in 1869 voor het laatst één was waargenomen. Ze trokken vanuit Duitsland Nederland binnen en gedijen hier nu prima! Inmiddels lopen er meerdere roedels rond, met name op de Veluwe en in Drenthe, maar deze plekken worden terecht geheimgehouden om verstoring of nog erger, stroperij, te voorkomen. Wat je wel kunt doen, bijvoorbeeld tijdens een winterwandeling op de Veluwe, is zoeken naar hun sporen, deze zijn ongeveer even groot - 8 tot 10 cm lang - en lijken sterk op die van een grote hond, maar zijn iets ovaler van vorm en de achtertenen staan wat verder naar achteren. En als je dan toch op de Veluwe bent, let dan goed op voor nummer 3, het wilde zwijn, of everzwijn, want dit is de place to be om dit harige wilde varken te zien. Ze wroeten de bodem om met hun krachtige snuit, dus als je dit soort sporen tegenkomt moet je extra goed opletten, vooral tegen de avondschemer. Meestal leven ze in groepen (ook wel een rotte genoemd) tot wel dertig dieren. De volwassen mannetjes (keilers) kunnen meer dan 100 kilo wegen en zijn een imposante verschijning.

Herintroductie successen

Nummer 4 en mijn persoonlijke favoriet, de otter, had wat menselijke hulp nodig om weer voet aan de grond te krijgen in ons land. In 2002 werden deze visetende roofdieren geherintroduceerd en inmiddels doen ze het steeds beter, met name in de provincies Gelderland, Overijssel, Friesland en Flevoland. De beste plek om ze te zien is ongetwijfeld in Nationaal Park Weerribben-Wieden. In de vroege ochtend en tegen de avond heb je de grootste trefkans, door geduldig te wachten bij kleine open stukken water (ribben) met begroeide oevers.

Ook nummer 5, de bever, had een duwtje in de rug nodig, dit reusachtige knaagdier met karakteristieke platte staart werd in 1988 in de Biesbosch geherintroduceerd en sindsdien is de populatie in rap tempo gegroeid, vooral in de zuidelijke helft van ons land en de Flevo doen ze het goed. Hun knaagsporen en burchten zijn daar op veel plekken aan te treffen. De beste plek is nog steeds de Biesbosch, als je daar net na de ochtendschemer gaat wandelen of kanoën en muisstil bent, is de kans groot dat je er één tegenkomt.

Das in het gras

Een zwart-witte boevenkop

Voor nummer 5, de Das, is wat lokale kennis nodig, want deze uit de kluiten gewassen, grijze marterachtigen met een zwart-witte boevenkop, leven een teruggetrokken bestaan en zijn notoir mensenschuw. Het zijn alleseters die in ondergrondse burchten in de oostelijke helft van ons land leven en ‘s nachts op jacht gaan. Ze houden geen echte winterslaap, maar zijn in deze periode wel veel minder actief, dus in het voorjaar en de zomer heb je de meeste kans, vooral in de buurt van een actieve burcht.

Nummer 6, de vos, is een stuk eenvoudiger waar te nemen dan de rest. Deze oranjeharige hondachtige doet het namelijk erg goed in Nederland. Ze komen door heel ons land voor, behalve op de Wadden. Het zijn intelligente en effectieve jagers die ook goed in stedelijke omgeving gedijen, in de gemeente Amsterdam bijvoorbeeld, leven er tientallen. De beste plekken om ze te zien zijn de Amsterdamse Waterleidingduinen (waar ze illegaal door fotografen gevoerd worden) en de Oostvaardersplassen, waar ze zich regelmatig te goed doen aan edelhertenkadavers.

Het grootste roofdier

De laatste en veruit de grootste uit de Big 7 is ook redelijk makkelijk waar te nemen, de grijze zeehond. Deze imposante zeezoogdieren kunnen tot wel 350 kilo wegen en jagen zelfs op bruinvissen, een kleine dolfijnensoort die vrij talrijk voorkomt in de Noordzee. Grijze zeehonden verschillen van hun kleinere neefje, de gewone zeehond, door hun kenmerkende kegelvormige kop, die ze vaak verticaal boven het water uitsteken tijdens het rusten. Je kan ze langs de gehele kust aantreffen, maar in het Waddengebied en de Delta heb je de beste papieren.

Net als de Afrikaanse Big 5 is deze Big 7 slechts een greep uit de lange lijst aan bijzondere diersoorten die je in ons land kan waarnemen, staar je er dus zeker niet op blind! De kleinere dieren zijn vaak minstens zo interessant en als je bereid bent om je ook te verdiepen in vogels, amfibieën, reptielen, insecten, spinnen, planten en ga zo maar door, dan zal je zien dat je je nooit meer hoeft te vervelen, ook niet tijdens een lockdown.

Ontdek onze nieuwe look

Leuk dat je er bent! Onze website heeft een nieuw jasje gekregen, deze past een stuk beter. Alles werkt verder zoals je het gewend bent. Wat vind je van onze nieuwe look?